Modernisering uitzendarbeid: het parlement is aan zet

Zoals gemeld in onze post van 26 februari 2016 heeft de Nationale Arbeidsraad met zijn advies nr. 1.972 van 23 februari 2016 nieuw leven geblazen in de kwestie van de modernisering van de uitzendarbeid.

Na een warme oproep van de NAR om snel tot actie over te gaan, heeft de regering op 30 juni 2016 een wetsontwerp in het parlement ingediend met het oog op:

  • de afschaffing van de 48-urenregel: volgens deze regel moet de arbeidsovereenkomst voor uitzendarbeid niet onmiddellijk worden ondertekend, maar kan dit later gebeuren op voorwaarde dat dit binnen de 2 werkdagen gebeurd nadat de uitzendkracht is beginnen werken. Het wetsontwerp heeft tot doel deze regel af te schaffen zodat voortaan de arbeidsovereenkomst voor uitzendarbeid moet worden afgesloten ten laatste op het ogenblik dat de uitzendkracht begint te werken;
  • en tegelijkertijd een uitbreiding van de mogelijkheid een arbeidsovereenkomst voor uitzendarbeid elektronisch af te sluiten: de bedoeling is dat de arbeidsovereenkomst voortaan elektronisch kan worden ondertekend via hetzij de elektronische identiteitskaart van de uitzendkracht, hetzij via een ander elektronisch systeem (SMS, App, …) op voorwaarde dat hiermee de identiteit van de partijen, hun instemming met de inhoud van de overeenkomst en het behoud van de integriteit van de overeenkomst worden gewaarborgd.

Hoewel de parlementaire vakantie voor de deur staat, heeft de regering de ambitieuze doelstelling om het wetsontwerp zo snel mogelijk door het parlement te laten goedkeuren zodat de nieuwe regels, zoals verzocht door de NAR, in werking kunnen treden op 1 oktober 2016.

Tegelijkertijd zal dan ook het registratiesysteem van de RSZ, interim@work, in werking treden.

Bron:Wetsontwerp tot wijziging van artikel 8 van de wet van 24 juli 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers, met het oog op de afschaffing van de 48-urenregel en de verruiming van de mogelijkheid om een beroep te doen op elektronische arbeidsovereenkomsten voor uitzendarbeid